29 november 2019

Wetenschappelijk onderzoek leidt tot duurzame trombosezorg

Duurzame trombosezorg 

Een nieuwe kathetergeleide techniek om een acute trombose in de lies te verhelpen, levert een minder grote afname van het post trombotisch syndroom op dan verwacht. Er lijkt nauwelijks verschil te zijn met de standaardbehandeling (antistollingsmedicatie en een steunkous). Dat blijkt uit een grootschalig onderzoek onder leiding van het Maastricht UMC+, uitgevoerd in vijftien Nederlandse ziekenhuizen. "De resultaten liggen weliswaar niet in lijn der verwachting, maar zijn wel van grote waarde voor de trombosezorg", zegt een van de hoofdonderzoekers vasculair internist dr. Arina ten Cate-Hoek van het Hart+Vaat Centrum/Maastricht UMC+. 

Bloedstolsel (I-stock)   

Pascale Notten, onderzoeker van de vaatchirurgie was als promovendus betrokken bij dit onderzoek. Zij coördineerde de studie, includeerde en begeleidde patiënten en verzamelde, ordende en analyseerde de data.  Het onderzoek is gepubliceerd in het toonaangevende wetenschappelijk tijdschrift Lancet Haematology.

Een trombosebeen is een veelvoorkomende aandoening, waarbij een bloedstolsel ontstaat in de bloedvaten van de benen. Jaarlijks krijgen 25.000 Nederlanders hiermee te maken. Zonder preventieve maatregelen ontwikkelt ongeveer de helft van de patiënten het zogeheten post-trombotisch syndroom (PTS). Dit kan onder meer leiden tot chronische pijn, wonden aan het been en zwelling. Antistollingsmedicatie en steunkousen vormen de standaardbehandeling. Die medicatie zorgt ervoor dat het stolsel niet doorgroeit. Het lichaam breekt uiteindelijk zelf het stolsel af: hoe beter dit lukt hoe kleiner de kans om PTS te krijgen.


Vergelijking

Een relatief nieuwe techniek, waarbij stolsel-oplossende medicatie via een katheter rechtstreeks in het stolsel wordt gebracht zou mogelijk betere behandelresultaten opleveren. Om dat vast te stellen startten de Maastrichtse wetenschappers een onderzoek om de nieuwe techniek te vergelijken met de standaardtherapie. Hiervoor werden in totaal 184 patiënten met een acute diep gelegen trombose ter hoogte van de lies (vanuit vijftien Nederlandse ziekenhuizen) behandeld. Dit zijn patiënten die normaliter een groter risico lopen om PTS te ontwikkelen. De helft kreeg de standaardtherapie met antistollingsmedicatie. Bij de andere helft werd daarnaast ook de kathetergeleide techniek toegepast. Er bleek echter weinig verschil te zitten in de behandeluitkomsten tussen de twee groepen en het risico op de ontwikkeling van PTS binnen een jaar was nagenoeg vergelijkbaar (ongeveer dertig procent).

Duurzame trombosezorg

Hoewel de studieresultaten niet in lijn der verwachting liggen, maakt dat ze niet minder waardevol volgens trombosedeskundige dr. Arina ten Cate-Hoek van het Maastricht UMC+: "In tegenstelling zelfs. Om de trombosezorg duurzaam en betaalbaar te houden is wetenschappelijk onderzoek naar nieuwe technieken, zoals de kathetergeleide trombolyse, cruciaal. Pas als we zeker weten dat iets meerwaarde heeft voor patiënten, moet je het gaan toepassen in de dagelijkse praktijk. Dat er in de huidige studie slechts kleine verschillen worden gevonden, betekent mogelijk dat bepaalde patiënten beter reageren op de behandeling dan anderen. Wij willen dit verder uitzoeken en uiteindelijk toewerken naar een persoonlijk profiel van de trombose-patiënt, zodat we de meest optimale behandeling voor eenieder kunnen toepassen."

Het wetenschappelijk onderzoek draagt de naam CAVA studie (CAtheter Versus Anticoagulation) en werd uitgevoerd in nauwe samenwerking tussen de afdelingen vasculaire interne geneeskunde en vaatchirurgie van het Hart+Vaat Centrum en radiologie van het Maastricht UMC+.