Het Hart+Vaat Centrum van het Maastricht UMC+ beheerst alle 8 de verschillende manieren. Interventiecardioloog Pieter Vriesendorp onderzoekt met een promovendus de optimale behandeling. "Veel opties maakt het niet automatisch makkelijker" zegt Vriesendorp.
Nog niet zo heel lang geleden was er maar 1 optie voor een slecht functionerende hartklep: vervangen of repareren via een openhartoperatie waarbij het hart wordt stilgelegd en een machine de bloedcirculatie overneemt. ‘Een zware ingreep’, weet Vriesendorp, sinds begin 2022 interventiecardioloog in het Hart+Vaat Centrum/ MUMC+. Technisch weliswaar goed te doen, maar met een langdurige revalidatie tot gevolg, zeker bij oudere of kwetsbare patiënten. Zeker in die laatste groep herstelt niet iedereen even goed. Gelukkig kunnen we veel problemen tegenwoordig op een andere manier oplossen.
Nieuwe behandelmethodes
Vriesendorp doelt op het vervangen of aanpassen van een hartklep via een ader in de lies of de hals of een klein sneetje in de borstkas. "De laatste twintig jaar hebben we daarmee enorme vorderingen gemaakt", legt hij uit. "Een van de meest voorkomende problemen is de aortaklep die niet meer goed opent door verkalking. Het bloed wordt dan met heel veel moeite door het hart weggepompt met vervelende gevolgen zoals kortademigheid, conditieverlies en uiteindelijk ook een steeds minder functionerende hartfunctie. Een andere veelvoorkomende aandoening is een lekkende hartklep. Dat kunnen we nu oplossen met het plaatsen van een clipje of nietje of een ringetje via een ader. Na 2 dagen is de patiënt weer thuis en zal hij zich veel beter voelen. Goed resultaat tegen beduidend lagere kosten".
Kiezen voor de beste behandeling
Inmiddels zijn er nog meer methodes om klachten te verhelpen. ‘Het hart heeft 4 kleppen en daarmee kan van alles fout gaan. Er kunnen scheurtjes ontstaan, aanhechtingen ofwel draadjes knappen, ontstekingen kunnen het weefsel aantasten; te veel om op te noemen. We werken hier voortdurend aan nieuwe behandelingen, kunnen steeds meer oplossen. Tegelijk ligt telkens de vraag op tafel wat de optimale behandeling is. Als een lekkende hartklep geen klachten geeft, moet je die dan gewoon met rust laten? Niet altijd, want ook zonder klachten kan de hartspier aangetast worden met hartfalen tot gevolg.’
Een ander dilemma is de keuze tussen een open operatie of de ingreep via de lies. "Een goede reparatie blijft technisch gezien de beste optie. Maar een behandeling via de lies kan in veel gevallen heel dicht in de buurt komen, en de patiënt is dan veel sneller ter been. Maar dan rijst de vraag: op welke leeftijd kies je toch voor een behandeling via de lies of voor de open operatie, ook gezien de hersteltijd, de conditie van de patiënt, eventuele andere aandoeningen en de risico’s? Als je al wilt opereren, want zoals gezegd hoeven er lang niet altijd klachten te ontstaan."
Speciale teams
Als arts wil je uiteraard altijd je patiënten het beste bieden. Daarom werken we al in kleppenteams waarin chirurgen en verschillende cardiologen met ieder hun specialisme en indien nodig ook andere disciplines samen een plan maken. We kijken naar de algehele conditie en het toekomstperspectief. Maar er spelen ook andere factoren mee. Vergeet niet dat we het hebben over ingrepen van tussen de twintigduizend en vijftigduizend euro. Minder operaties betekent dat we méér mensen kunnen helpen. Belangrijk in een tijd van een sterk toenemend beroep op de zorg. We zullen keuzes moeten maken.’
Om verantwoorde keuzes te maken, is Pieter Vriesendorp vorig jaar gestart met een breed onderzoek. Samen met een promovendus en een student geneeskunde analyseert hij de gegevens van honderden Limburgse patiënten die geopereerd zijn aan een hartklepdefect. Daarnaast worden alle mensen in kaart gebracht die al dan niet nog geopereerd moeten worden.
Ons onderzoek
‘Uiteindelijk willen we boven water halen hoe de operaties hebben uitgepakt en of we de juiste beslissingen hebben genomen. Een intensief onderzoek dat, zo zie ik nu al, telkens nieuwe vragen oproept. We zijn nog lang niet klaar terwijl er voortdurend druk staat op de financiering. Dit onderzoek is natuurlijk niet zo sexy als de zoektocht naar een revolutionair medicijn of behandeling. Maar wel belangrijk. Daarom ben ik blij met de bijdrage van het Hart en vaat onderzoekfonds Limburg. Daarmee kunnen we onze promovendus betalen. Het heeft onze projecten echt in stroomversnelling gebracht.’
Pieter Vriesendorp
Pieter Vriesendorp (1985) studeerde geneeskunde in Leuven, specialiseerde zich tot cardioloog in Rotterdam, waar hij ook gepromoveerd is. Verder studeerde hij Health Economics and Management in Londen en voltooide hij zijn training tot interventiecardioloog, gespecialiseerd in hartklepafwijkingen, in Melbourne. Valentijnsdag 2022 was zijn eerste werkdag als interventiecardioloog. ‘In het Hart+Vaat Centrum/ MUMC+ . Ik was nog nooit in deze stad geweest, maar ik kreeg de kans om als relatief jonge arts deel uit te maken van dit unieke team dat zich volledig richt op de hartkleppen. Precies mijn interessegebied. Onderzoek doen maakt het extra boeiend.’ Pieter woont in Lanaken met Valerie en hun twee kinderen van één en drie.