• Medicatie is een belangrijk onderdeel van uw uiteindelijk herstel. Medicatie is altijd op maat. Dit betekent dat iedereen zijn/haar eigen medicijnen krijgt voorgeschreven.  

    Cardioloog Drs. R. Theunissen vertelt welke medicatie er is en waarom je bepaalde medicatie krijgt na een hartaandoening, ingreep en of opname. 

    Hieronder staan nog een aantal medicijnen die een arts of gespecialiseerd verpleegkundige kan  voorschrijven voor de behandeling van hartproblemen:

    • Middelen tegen ritmestoornissen zorgen ervoor dat het hartritme weer normaal wordt. 
    • Vaatverwijders zorgen ervoor dat het bloed beter door de vaten naar het hart stroomt. Deze worden bijvoorbeeld gebruikt bij angina pectoris en hartfalen. Er zijn drie soorten vaatverwijders: nitraten, ACE-remmers en calciumantagonisten.
    • Bloedverdunners zorgen ervoor dat het bloed minder snel stolt. Er zijn twee typen bloedverdunners: antistollingsmiddelen (deels via de trombosedienst) en plaatjesremmers. Artsen schrijven plaatjesremmers voor bij angina pectoris of een hartinfarct en antistollingsmiddelen bij onder andere boezemfibrilleren en een mechanische kunsthartklep.
    • Cholesterolverlagers worden voorgeschreven aan hart- en vaatpatiënten met vernauwingen in de aders. Daarnaast worden deze ook voorgeschreven aan patiënten met een verhoogd risico op het krijgen van hart- en vaatziekten, bijvoorbeeld door roken, hoge bloeddruk, overgewicht, diabetes en verhoogd cholesterol.
    • Plastabletten hebben effect op de bloeddruk; door het verlies van overtollig vocht met de urine gaat de bloeddruk omlaag. Plastabletten worden onder andere voorgeschreven bij hoge bloeddruk of hartfalen.

    Bovenstaande middelen zijn slechts een kleine greep uit een heel assortiment aan medicatie ten behoeve van hart- en vaatziekten. Uw arts zal tijdens het polikliniekbezoek samen met u bekijken welke medicatie voor u noodzakelijk is.

    Lees meer

  • Patiënteninformatie

    Lees meer in het volgende bladen:

    Wat is een pacemaker?

    Een pacemaker is een elektronisch apparaat dat in het lichaam wordt gebracht. De pacemaker bevat een chip en een batterij die gemiddeld 6 tot 8 jaar meegaat. Uit het apparaatje komen in de meeste gevallen elektrodedraden die via de bloedvaten naar het hart lopen. Een pacemaker  zorgt ervoor dat het hart op een goede, en voldoende snelle manier  pompt. 

     


     

    Waarom krijgt u een pacemaker?


    Als uw hart te traag of verkeerd pompt, zorgt de pacemaker ervoor dat uw hart op een goede en voldoende snelle manier pompt. Dit doet de pacemaker door een impuls of stimulatie te geven als het nodig is.
    Er zijn verschillende soorten pacemakers die voor verschillende doelen gebruikt worden. Het soort dat u krijgt hangt af van waar het probleem zit in het hart. Dit bepaalt ook het aantal elektrodedraden dat nodig is.

    Verdere informatie over de voorbereiding, opname, operatie en controles leest u het patiëntinformatieblad: 

     

    Lees meer

Sluit de enquête