Om deze website te kunnen gebruiken dient u Javascript in te schakelen.
  • FAST-test

    Heeft iemand een beroerte? Doe dan snel de FAST-test!
    De FAST-test (Face Arm Speech Test) is een snelle test om een beroerte bij iemand te herkennen. Hieronder staat aangegeven hoe deze test uitgevoerd wordt:

    1. Face (gezicht) : vraag aan de persoon om te lachen of de tanden te laten zien. Als de mond scheef staat of een mondhoek naar beneden hangt, kan dit duiden op een beroerte.
    2. Arm (arm) : vraag aan de persoon om beide armen op te tillen en voor zich uit te strekken met de binnenzijde van de hand naar boven. Als een arm wegzakt of rondzwalkt kan dit duiden op een beroerte.
    3. Speech (spraak) : vraag aan de persoon of aan omstanders of er verandering in het spreken zijn opgetreden. Als de persoon onduidelijk begon te spreken of niet meer uit de woorden kon komen, kan dit duiden op een beroerte.
    4. Tot slot kan de T in FAST worden gebruikt voor Tijd. Het is belangrijk om bij één of meer signalen zoals hierboven beschreven, de tijd van aanvang van de verschijnselen te onthouden en door te geven aan de huisarts of aan 112. dit is van belang voor de behandeling.

    Doet minimaal één van deze bovenstaande verschijnselen zich voor, handel dan direct en bel 112. Hoe eerder een beroerte behandeld wordt, hoe meer kans op herstel! Geef ook door aan 112 hoe laat de verschijnselen begonnen.

    Lees meer

  • CT-scan

    Patiënteninformatie

    Lees meer in het volgende blad:

    CT-Scan

    Het voornaamste doel van het onderzoek is om met behulp van de CT-scanner te bekijken of er vernauwingen zijn in de kransslagaderen, de slagaders rondom het hart, die de hartspier van bloed voorzien. De CT-scan van het hart is een relatief nieuwe techniek. Tegenwoordig is het mogelijk hiermee het hart en de kransslagaders scherp af te beelden. Door de toegenomen snelheid van de CT-scanners en met behulp van intelligente computer berekeningen is het namelijk mogelijk geworden met de CT-scan röntgenfoto’s te maken op het moment dat het hart heel kort even niet beweegt, in de pauze tussen twee hartslagen in. Hiervoor is het wel van belang dat het hart rustig klopt en de adem 10-15 seconden wordt vastgehouden. Om het hart rustiger te laten kloppen moet enkele uren voor het onderzoek een extra tablet ingenomen worden.

     

    Tijdens het onderzoek ligt u op een onderzoekstafel die langzaam in de CT-scanner schuift.  De CT-scanner is ongeveer 50 centimeter diep. In de CT-scanner bevindt zich een röntgenbuis, waarmee foto’s worden gemaakt. Vanuit de buis worden röntgenstralen door uw lichaam gestuurd. Die stralen worden opgevangen en omgezet in elektrische signalen. Die signalen worden weer verwerkt door een computer. De röntgenbuis draait tijdens het maken van de foto’s rond. Dat maakt enig lawaai, maar u ziet en merkt hier verder niets van.

    Bij de CT-scan van het hart is het noodzakelijk dat een jodiumhoudende contrastvloeistof wordt toegediend, die in de ader wordt gespoten en de kransslagaderen zichtbaar maakt op de scan. Bij het gebruik van dit jodiumhoudend contrastmiddel kunnen bijwerkingen optreden. Door verbetering van het contrastmiddel komen deze tegenwoordig nog maar zelden voor. Als er toch bijwerkingen optreden, zijn deze over het algemeen goed te behandelen.

     

    Lees meer

  • MRI- onderzoek

    MRI

    Bij een MRI-scan worden foto's gemaakt van doorsneden van het lichaam waarbij o.a. de hartspier, de kleppen of de grote slagaderen goed in beeld worden gebracht. Een MRI-scan werkt met sterke elektromagnetische straling. Deze straling is niet gevaarlijk. Er wordt geen röntgenstraling gebruikt. Tijdens de MRI zijn voortdurend harde ratelende geluiden te horen zijn. De patiënt krijgt een koptelefoon op om het geluid te dempen.

    Wat ziet de arts?

    De arts ziet met een MRI-scan beschadigingen en/of afwijkingen aan:

    • Organen (hersenen, hart, maag, lever, nieren, darmen)
    • Bloedvaten (dan heet het onderzoek een MRA-scan)
    • Botten
    • Spieren
    • Pezen
    • Zenuwen

    Personen met een pacemaker of ICD mogen niet altijd in een MRI-scan. De sterke magneet kan pacemakers en ICD’s ontregelen. Er bestaan MRI-veilige pacemakers en ICD's.

    Lees meer

Sluit de enquête